Space Academy · Inhoud · Hoofdstuk 3 · §3.4 · English version

§3.4 Optische en infraroodbeelden

Een telescoop die vanaf honderden kilometers auto's kan onderscheiden — zolang het licht is en niet bewolkt.

Open §3.4 in de academy

Simpel gezegd

Een beeldsatelliet is een telescoop die naar beneden kijkt. Hoe groter de spiegel en hoe lager de baan, hoe scherper het beeld. Maar hij ziet net als je eigen ogen niets door wolken, en zonder zonlicht niets in zichtbaar licht.

In de praktijk

Commerciële satellieten met een spiegel van ruim een meter op ± 600 km halen ± 30 cm per pixel: je ziet vliegtuigen, voertuigen en hun schaduwen. Analisten gebruiken die schaduwen om hoogtes te schatten en vergelijken beelden van verschillende dagen om veranderingen te vinden.

De scherpte heet GSD (ground sample distance): hoeveel centimeter grond één pixel beslaat. Natuurkundig wordt die begrensd door de spiegeldiameter, de golflengte en de hoogte:

GSD ≈ 1,22 × golflengte × hoogte ÷ spiegeldiameter voorbeeld: zichtbaar licht (0,5 µm), 617 km hoogte, spiegel 1,1 m → ± 0,34 m — vergelijkbaar met de 0,31 m van de commerciële WorldView-3
Soort beeldWat je zietGebruik
PanchromatischZwart-wit, de hoogste scherpteHerkennen en tellen van objecten
MultispectraalEnkele kleurbanden, ook nabij-infraroodVegetatie, camouflage tegen natuurlijke achtergrond, terrein
HyperspectraalHonderden smalle bandenMaterialen herkennen, bijvoorbeeld verf of netten tegen echte bladeren
Thermisch infraroodWarmte, ook 's nachtsDraaiende motoren, branden, recente activiteit
Beperkingen

Optisch werkt alleen bij daglicht en zonder bewolking; in Noordwest-Europa is het grootste deel van de tijd minstens een deel van de lucht bewolkt. Een satelliet in LEO komt bovendien niet constant over (zie revisit, 2.8). Wie dat weet, plant zijn activiteiten eromheen.